Maandelijks archief: juni 2015

Geen eigenschappen maar karakter

Ruim vier maanden lang was Ulrich in mijn leven. Hij observeerde, dacht en sprak. Urenlang, zo leek het, dagenlang. Handelen was bijzaak. Ulrich was eerder de man van niet-handelen. Geregeld vroeg ik me af wat hij nu precies miste: de Man zonder Eigenschappen, zoals Robert Musil hem had genoemd. Is het dit: dat hij niet kiest en zich nergens aansluit behalve als hij er echt niet onderuit kan? Dat hij zich nergens wil vastleggen en dat hij tot geen enkel kamp of ideologie wil behoren?

Ergens had ik gelezen dat je het boek van Musil – in de vertaling van Ingeborg Lesener telt het boek bijna 1400 bladzijden – kunt zien als een berg. Ik was net begonnen en leerde Ulrich, zijn vrienden en zijn Weense omgeving uit 1913, kennen. Het zal je moeite kosten om die berg te beklimmen, was de waarschuwing. Elke pagina staat vol filosofie, beschouwing en ethiek. Morele overwegingen. Maar sta je op de top, dan heb je een prachtig uitzicht.

Ik denk niet dat dit een goede omschrijving is van mijn leeservaring. Het was soms zwaar klimmen. En nu ik op de top sta, is het landschap beneveld. Wat heb ik eigenlijk gelezen? Ik moet misschien weer afdalen. Dit blog is een poging daartoe.

Geconcentreerde afzijdigheid

Volgens schrijfster Margriet de Moor is het boek ingedeeld in stemmingen, als een muziekstuk. Het eerste deel waar je Ulrich leert kennen, de man die de domheid op afstand wil houden (domheid is volgens Musil ook de ware ziekte in de wereld), is vrolijk. Het tweede deel, waarin gesproken wordt over de zogenaamde parallelactie, is ironisch. En het derde deel, waar Agathe, de zuster van Ulrich op het toneel komt, is ernstig.

Ulrichs vader die vindt dat zijn zoon eindelijk maar eens iets nuttigs moet gaan doen, maakt hem lid van de parallelactie. Daarin gaat het om de organisatie van de viering van het zeventigjarige regeringsjubileum van keizer Frans Joseph I, keizer van Oostenrijk-Hongarije (Kakanië in het boek). Grootse plannen en ideeën, want deze gebeurtenis moet, vanzelfsprekend, groter worden dan het dertigjarig jubileum van de Duitse keizer. Beide jubilea zijn gepland voor 1918, het jaar waarin zoals later blijkt beide monarchieën ineen storten. Pure satire, want het is een tot mislukken gedoemde poging om iets groots te doen in de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie. Als een laatste stuiptrekking in een land dat al in ontbinding is. Musil schetst de nog heel gemütliche, maar misschien ook wel unheimische sfeer aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog.

ulrich

Acteur Franz Tscherne in de rol van Ulrich

Het boek wordt bevolkt door curieuze personages die allemaal op een of andere manier met Ulrich contrasteren. Zijn ambitieuze nicht Diotima, de neurotische, met Nietzsche dwepende Clarisse, de Pruisische industrieel Arnheim, de brave generaal Stumm, vrouwenmoordenaar Moosbrugger, en zijn jeugdvriend, de mislukte pianist Walter. Clarisse blijft Walter als een genie zien omdat ze altijd met een genie getrouwd had willen zijn. Walter moet tegenwoordig niets meer van Ulrich hebben, hij begrijpt niets van hem. Zuster Agathe ten slotte, innig met Ulrich verbonden, verschijnt pas na ongeveer 1000 pagina’s.

Zoals De Moor zegt, het is geen psychologisch boek: de personages gedragen zich geheimzinnig en krankzinnig, maar zo zijn ze. Zij hebben ieder de eigenschappen die Ulrich ontbeert. Arnheim bijvoorbeeld, hij weet voor alles een oplossing. Hij kan heel veel, heeft erg veel nuttige eigenschappen, maar hij heeft eigenlijk geen karakter. Hij is de man van de realiteit, terwijl voor Ulrich mogelijkheid telt. Want, zoals Musil zegt, iemand met gevoel voor realiteit knabbelt een beetje aan de rand van het leven zonder daarin een lijn te zien. Dat zou kunnen betekenen dat Ulrich die lijn wel ziet.

Ulrich is in elk geval ook zoekende, want hij weet niet wat hij wil en hij weet niet wat een goed leven is en hoe je dat moet leiden. Het boek gaat eigenlijk over hoe je zou moeten leven, maar zoals Marc van Oostendorp in zijn blog suggereert, vooral over de onmogelijkheid om dat te weten of daar al te strenge uitspraken over te doen.

Dat geldt zowel de buitenwereld, Kakanië in 1913 en de parallelactie, als wat je de binnenwereld kunt noemen, de incestueuze relatie van Ulrich met zus Agathe. Ook daarin bevestigt Ulrich wie hij is. Volgens Musil ontleent elk mens eigenschappen aan zijn beroep, zijn natie, zijn sociale klasse, zijn geslacht, zijn privé-leven, zijn bewustzijn en zijn onderbewustzijn. Ulrich ontkent of ontloopt dat soort categorieën. Zelfs in zijn privé-leven.

Musil heeft veel van zichzelf in Ulrich gelegd. Musils echtgenote Martha staat bijvoorbeeld model voor Agathe. Misschien is het boek voor Musil dan ook een zoektocht naar zichzelf. Een enorm project dat uiteindelijk niet voltooid wordt, want toen Musil in 1942 overleed, moest er nog een deel komen. Maar via het boek zegt hij enorm veel over de mens. In zijn ogen laat die zich meeslepen door zijn functionaliteit in het geheel en de taken die hij op zich genomen heeft. Dat bepaalt zijn maatschappelijke positie in de moderne wereld.

Dat geldt niet voor Ulrich. Hij laat zich niet meeslepen, maar staat in de wereld met ‘een houding van geconcentreerde afzijdigheid’ (Ronald Havenaar in een recensie uit 2004 in NRC). ‘Als men niet de kracht heeft iets anders te zijn dan wat men doet’, schrijft Musil, ‘is men geen mens meer.’ In de moderne wereld – in het boek is dat het Wenen van 1913 – hebben mensen de greep op hun bestaan verloren, ze weten niet meer weten wie ze zijn. Ulrich is zichzelf, een voorbeeldige man zonder eigenschappen volgens Havenaar. Geen eigenschappen, maar wel karakter.

Man of vrouw, waarom moet je eigenlijk kiezen?

Midden-Oostendeskundige Mounir Samuel, zoals hij aangesproken wil worden, is begonnen aan een zoektocht naar zijn identiteit. Of het ‘hij’ of ‘zij’ moet worden, daar is Mounir niet uit: “Gebruik bij gebrek aan beter maar hij.” Samuel wil niet verder als vrouw, als Monique, verklaarde hij, maar dat hoeft niet te betekenen dat hij man wordt.

Een dapper statement. Mounir schreef er een blog over ‘Hoor, ik adem’ en hij probeerde het 5 juni nog een keer uit te leggen bij Eva Jinek op tv. We moeten minder labelen, zei hij. Af van die binaire hokjesgeest. Er is meer tussen ‘man’ en ‘vrouw’. Het werd alleen niet goed begrepen. ‘Jouw identiteitsproblematiek’, reageerden mensen op Twitter. ‘En allemaal aandachttrekkerij.’

MounirSamuel_byErnstCoppejans

foto: Ernst Coppejans

Het is blijkbaar niet acceptabel om een tussenpositie in te nemen. Caitlin Jenner werd toegejuicht omdat ze zich als vrouw op de cover van Vanity Fair presenteerde, Maxim Februari kreeg applaus toen hij in DWDD vertelde dat hij in transitie ging. De uitkomst is bij hen duidelijk, maar ga je op zoek naar je genderidentiteit en vind je die niet eenduidig in m of in v, dan haken mensen af.

Mounir straalde zodra hij het over zijn gevoel en naam had, en over de bevrijding die het betekende te aanvaarden dat je niet in dat hokje (v) hoeft te blijven zitten. Je kunt eruit, en dat heeft hij gedaan. ‘In essentie was er niemand die mij ziet’, zei hij. Dat bedrukte hem. “Want in mijn hoofd heet ik niet Monique. Ik ben Mounir, van die naam gaat mijn hart zingen.”

Je suis Mo

Ik bewonder hem. Het is pijnlijk dat zoveel mensen met zoveel verwijt en onbegrip reageerden. Dat voel ik persoonlijk, want ik weet het zelf ook niet. Ik zit ook ergens tussen beide labels. En daar zit ik eigenlijk prima. Je suis Mo.

Ik verwijs vaak naar een kunstwerk, gezien op een gender blender expositie in Eindhoven. Er waren daarvoor honderden mensen geportretteerd, mensen met, neem ik aan, biologisch geslacht m of v. Aan de zijkant van ieder portret was met een rozeblauw lijntje getekend in hoeverre ieder van hen zich m of v voelde. Dat verliep van 100 procent blauw aan de ene kant, via half om half in het midden naar 100 procent roze aan de andere kant. Het kunstwerk maakte duidelijk dat genderidentiteit en biologisch geslacht los van elkaar staan.

De wereld is er niet aan toe. De genderdiverse samenleving is nog een droom. Losbreken van je biologische identiteit kan alleen als je de oversteek maakt. Wil je geen man zijn, dan moet je vrouw worden, of andersom. Meer ruimte is er voor veel mensen niet, veel van de mensen in elk geval die zo negatief op het verhaal van Mounir reageerden. ‘Veel mensen vragen mij hoe het is om in het verkeerde lichaam te zijn geboren’, twittert Mounir op 7 juni. ‘Maar ik woon in de verkeerde wereld, niet in het verkeerde lijf.’

Deze blog is gepubliceerd op www.continuum.nl en in Trouw van 12 juni 2015

Anne Frank herluisterd

‘Oudere mensen hebben een mening over alles en wankelen niet meer in hun daden door het leven’, schrijft Anne Frank op zaterdag 15 juli 1944. ‘Wij, jongeren, hebben dubbele moeite onze meningen te handhaven in een tijd waarin alle idealisme vernield en verpletterd wordt, waarin de mensen zich van hun lelijkste kant laten zien.’

Bijzondere observaties. De afgelopen weken luisterde ik naar het luisterboek van Het Achterhuis, voorgelezen door Carice van Houten. Bewonderenswaardig en ontroerend, open en eerlijk. Wat me vooral trof waren Anne’s kritische woorden over zichzelf. Ze voedde zichzelf op. ‘Nee Anne’, zo schreef ze dan. ‘Zo ken ik je niet. Dat is niet goed.’

Anne-Frank

Voordat ik beluistering van Het Achterhuis afsloot, was ik in een biografie over Anne Frank begonnen. Nieuwsgierig naar wat er was gebeurd voordat de familie Frank (vader, moeder, zus Margot en Anne) samen met de de familie van Pels (vader, moeder en Peter) en tandarts Fritz Pfeffer in het Achterhuis onderdoken, en wat er daarna gebeurde. Want op 4 augustus 1944 werden ze verraden – door wie zal waarschijnlijk nooit definitief bekend worden – en weggevoerd via kamp Westerbork naar Auschwitz. Met ongeveer de laatste trein die naar Polen vertrok. Anne en Margot overleden uiteindelijk in Bergen-Belsen, ergens in februari 1945.

Terwijl ik las (en luisterde), realiseerde ik me dat er nauwelijks vier maanden zaten tussen de geboortedatum van mijn moeder (18 februari 1929) en die van Anne (12 juni 1929). Maar hun oorlogservaringen zijn heel verschillend. Er zijn natuurlijk zoveel oorlogsverhalen, en we moeten ze blijven herhalen. Hoewel in de literaire leesclub waarin ik deelneem, wel eens wordt verzucht: nee, liever geen oorlogsboek deze keer.

Toch heb ik nu ook Ian Buruma’s boek over 1945 gelezen. Over de honger, de afrekening, de euforie, de pogingen om de oorlog achter te laten en verder te gaan, de mislukkingen, het opportunisme, opduikend antisemitisme, opbouw, en waar het verder allemaal toe leidde. De oorlog was voorbij, maar hij was niet echt voorbij.

Nog even terug naar de opmerking van Anne Frank: oudere mensen hebben een mening en wankelen niet meer. Dat hoop ik niet en het zou ook jammer zijn. Dit is mijn eerste blog, maar een van de categorieën vormen de ‘vastgeroeste meningen’. Een van de doelstellingen is om die te onderzoeken en misschien wel te verwerpen. Om, zoals Anne schreef, te zeggen: ‘Nee Ton, zo ken ik je niet. Klopt het wel en kun je er ook niet van een andere kant naar kijken?’