Sekse doet er niet toe

Welke columnist of blogger heeft er nog niet over geschreven? Wees dan snel, want over een week of wat kun je echt niet meer aankomen met een stuk over genderneutraal. Nu al bijna niet meer. Het is niet meer trending.

Troost, want als je toch iets over genderneutraliteit wilt schrijven, kun je dat toch alvast doen. Behalve wc’s, taalgebruik en kinderkleding is ook op andere terreinen nog veel meer genderneutraliteit mogelijk. Denk aan speelgoed, religie, uitgaansleven, politiek en arbeidsmarkt. Overal waar het onderscheid man-vrouw wordt gemaakt terwijl dat niet hoeft. Sekseregistratie die geen ander doel dient dan de aanhef bepalen: beste meneer of mevrouw. Over een maand of wat zoek en vervang je NS en Hema door Tweede Kamer, bedrijfsleven of universiteit. Overal waar mensen een meer genderneutrale houding kunnen aannemen. Overal waar ze erachter komen dat sekse er vaak gewoon echt niet toe doet.

Helaas lijken vele redacteuren, columnisten, bloggers niet zo goed te weten waar ze eigenlijk over schrijven. ‘Is de Hema nu helemaal gek geworden?’ Nog meer mensen begrijpen er dan helemaal niets meer van. Dankzij die warrige columns, uit een soort van gendermoeheid of omdat ze liever boos blijven. ‘Pfff, genderneutraal. Dat zijn vast de feministen, die transgenders, de linkse kerk. Pakken ze ons dat ook nog af? Niks is meer heilig. Hij kan roepen wat ie wil, maar ik ga mijn zoon echt geen roze jurk aantrekken.’

Wat is dat dan, genderneutraal? Waarom zou je eigenlijk meer genderneutraliteit willen? Hoe doen we dat?

  1. Meisjes houden toch gewoon van roze?

Prachtig dat je dochter bijvoorbeeld liever een roze strik heeft, maar zeker in kleding en kleur kun je zien hoe zeer het gaat om dingen die losstaan van jongen of meisje. Eeuwenlang was het normaal dat zowel jongens als meisjes tijdens hun kleutertijd een jurkje droegen. Roze was vóór de oorlog juist een jongenskleur en blauw een meisjeskleur. Lodewijk XIV liep op hoge hakken en droeg een pruik, zoals zoveel machtige heren in die tijd. Kortom, sociale constructie. Lees mijn blog over genderverschil. Dat is vooral iets wat we zelf verzonnen hebben.

  1. Je bent toch meisje of jongen, man of vrouw?

Nee, dat is niet altijd zo. Oké, de meerderheid in de wereld is meisje of jongen en vindt dat prima, maar er zijn heel veel mensen voor wie dat niet zo duidelijk is. Omdat ze anders zijn (intersekse conditie) of zich anders voelen (transgender). Sekse is iets anders dan gender. Je hebt inderdaad transvrouwen en transmannen die als het ware thuiskomen in het andere geslacht, maar ook zoveel mensen voor wie dat vager is. Daar kun je hokjes opplakken – queer, agender, wat dan ook – maar hokjes sluiten mensen op en dat voelt niet goed, zeker als je het zelf niet goed weet. Dit betekent niet dat jij dan genderneutraal bent in plaats van man of vrouw. Je kunt ook als vrouw, man, transvrouw of transman zoveel mogelijk kiezen voor genderneutraal. Genderneutraliteit is daar waar sekse er niet toe doet. Bijvoorbeeld op toiletten, in taalgebruik, in kinderkleding en misschien binnenkort ook nog meer in banen, salaris, opleidingen, kerk en geloof, media-aandacht.

  1. Leg het me dan eens uit: wat is gender?

Gender gaat niet over de biologie, maar over identiteit en de culturele verschillen tussen mannen en vrouwen. ‘Gender zijn de dominante ideeën die in een bepaalde cultuur gekoppeld worden aan sekse.’ Dat is de omschrijving van Linda Duits, sociaalwetenschapper. Ze specificeert. ‘Vrouwen eten chocola, kijken series met vriendinnen en drinken sterrenmuntthee. Mannen kijken voetbal met bier, praten niet over hun gevoelens en houden van vlees.’ Als jij je dus als vrouw identificeert, dan heeft dat meer met gender te maken dan met sekse. Misschien wissel je je bier wel in voor sterrenmuntthee en ben je vrouwelijker dan de meeste vrouwen. Dat bevestigt immers het beeld dat je van jezelf hebt, hoe jij je diep van binnen voelt en wat je dan ook heel graag wilt uitdragen. Gendernormen – het idee over hoe mannen en vrouwen zich moeten gedragen – zijn in onze samenleving behoorlijk dwingend. Mannen met nagellak? Ondenkbaar. Iedereen die aan die gendernormen morrelt, is een held. Tijn bijvoorbeeld, met zijn prachtige nagellakactie.

  1. Hoe word ik dan genderneutraal: piemel eraf, borsten weg?

Nee, wat een onzin. Nogmaals genderneutraal is een houding. Je kunt niet genderneutraal worden, maar je kunt de wereld wel genderneutraler maken. Door geen sekseverschillen te stellen waar die er niet toe doen, door te accepteren dat er mensen zijn die zich niet zo duidelijk man of vrouw voelen en daar ruimte voor te bieden. Door genderdiversiteit te omarmen. Dan kan de wereld veelkleuriger worden. In een genderneutrale wereld trekt je zoon zonder schaamte een jurkje aan als hij dat graag wil, je dochter klimt in een boom en er is niemand die roept: dat is niks voor meisjes. De wereld kan genderneutraler worden als we bijvoorbeeld niet al beginnen te genderen voordat een kind geboren is. Met sweetie of stoere bink op je T-shirt. Gooi de vooroordelen en verwachtingspatronen overboord. De dokter kan ook een vrouw zijn, secretaresse of koffieschenker een man.

  1. Voor wie doen we dat dan, voor dat kleine groepje interseksepersonen en transen die het niet weten?

Allereerst is die groep best groot, misschien wel een op de twintig (COC). Bovendien is er in een wereld waarin er minder onderscheid in gender wordt gemaakt, al snel meer gendergelijkheid. Alle mannen en vrouwen hebben daar plezier van. Natuurlijk, voor transpersonen wordt het leven als ze eenvoudiger hun genderrol kunnen veranderen, ook vóór een transitie veel fijner. Voor mensen die willen afwijken van die streng gegenderde indeling – man en vrouw, mannelijk en vrouwelijk – is er meer ruimte. Sowieso, er mag gewoon meer. Er is meer vrijheid in een genderneutrale wereld, meer acceptatie van gedrag, kleding, speelgoed dat in een andere wereld meteen wordt bestempeld als te meisjesachtig voor jou of te stoer voor jou. Een meer genderneutrale opvoeding zou dan ook zomaar kunnen leiden tot een meer gendergelijke maatschappij.

  1. Maar waarom dan dat verzet, die boosheid?

De indeling man-vrouw zit diep. Vraag je naar iemands identiteit, dan is dat vaak het eerste waar we aan denken. Mannen voelen vaak de voortdurende druk te bewijzen dat ze mannelijk genoeg zijn en vrouwen dat ze vrouwelijk zijn. Het veroorzaakt onzekerheid, misschien wel angst omdat je aan jezelf gaat twijfelen, woede omdat de samenleving je die diepgewortelde zekerheid af lijkt te pakken. Je kunt wel zeggen: die angst en die woede zijn niet nodig, maar zo eenvoudig is het blijkbaar niet. Er is vast ook een groep van mensen die tevreden zijn in een wereld met duidelijk omschreven genderrollen: de man aan de leiding, de vrouw in de keuken. Denk bijvoorbeeld aan een politieke partij als de SGP.

  1. Kun je voorbeelden noemen van genderneutraliteit?

Vaders en moeders zijn dan ouders. Dames en heren worden mensen. Hello everyone. Het lijkt een futiliteit, maar als man ga je niet naar een damestoilet. Nooit. Sommige dappere vrouwen durven bij een rij van een kilometer langs de urinoirs te lopen. Maar genderneutrale toiletten zijn toegankelijk voor iedereen. Ben je in transitie en kun je dat zien, dan hoef je je niet meer zo opgelaten te voelen. Je hebt verder genderneutrale aanspreekvormen: hen in plaats van hij of zij. Oké, dat blijft wennen, vraag hoe mensen het liefst aangesproken worden en dan gewoon doen. Genderneutraal wordt  kinderkleding of kinderspeelgoed als je het niet labelt als meisjeskleding en jongensspeelgoed. ‘Een genderneutrale opvoeding betekent niet dat je mannelijkheid of vrouwelijkheid helemaal uitsluit, maar dat je zorgt dat een kind van beide werelden iets meekrijgt.’ Voordeel is dat je kinderen niet allerlei eigenschappen waarvan je denkt dat ze bij hun sekse horen, oplegt. Je laat ze vrij. En dan al die inschrijfformulieren waarin je moet invullen of je man of vrouw bent. Hoe moeilijk kan het zijn daar een derde optie toe te voegen: doet er niet toe? Een meer genderneutraal beleid zou inhouden dat overal waar sekse er niet toe doet, sekse bijvoorbeeld niet wordt geregistreerd en er sowieso geen verschil wordt gemaakt naar mannen en vrouwen. Kanttekening, want bijvoorbeeld in de ziektezorg is een genderneutrale aanpak juist niet wenselijk.

  1. Genderneutraliteit, hoeveel kost dat?

Genderneutraliteit is misschien wel een besparing. Kinderkleding kun je doorgeven van je uitgegroeide zoon naar je dochtertje. Scheermesjes voor vrouwen, shampoo voor mannen (dank Toeps), waarom dat onderscheid. ‘Toen ik een kleine Toeps was, hadden wij als gezin één fles shampoo. Hij rook niet stoer of vrouwelijk, maar gewoon fris.’ 

  1. Is het geen vreselijke term: genderneutraliteit? Daarmee jaag je mensen toch de deur uit.

Daarmee jaagt de Hema misschien een paar mensen de deur uit. Misschien hadden ze het anders kunnen formuleren, zoals Hanneke Felten in Trouw oppert. ‘Beste mensen, we stoppen met de labeltjes ‘jongen’ of ‘meisje’ op onze kinderkleding. We denken dat uw kinderen en uzelf heel goed kunnen kiezen welke kleding het beste bij hen past.’ Zo’n soort formulering kun je bedenken voor allerlei terreinen waar sekse er niet toe doet en genderneutraliteit gewenst is. NRC-redacteur Bas Heijne ging in mijn ogen de mist in, in zijn column van 23 september 2017. Hij vindt het maar rotwoorden. Zijn argumentatie: gender begrijpt niemand en neutraliteit (niet je vingers willen branden) is niet iets wat we zouden moeten nastreven, te lafhartig. En hij eindigt met de conclusie: wie wil er in godsnaam genderneutraal zijn? Nou Bas, ik wil.

  1. Kunnen we verder kijken of lezen over de genderneutrale samenleving?

De meeste boeken die over transpersonen gaan, schetsen misschien niet direct een wereld waarin gender er niet toe doet, juist wel. Maar ze kantelen toch vaak de vastgeroeste aannames over gender en sekse. NOSop3 heeft een video over een genderneutrale dag gemaakt. Volg verder bijvoorbeeld het Continuüm.

 

 

 

2 gedachten over “Sekse doet er niet toe

  1. Stine Jensen en Frank Meester suggereren in het boek ‘De opvoeders’ ‘genderbewust’ in plaats van ‘genderneutraal’. In relatie tot opvoeden. Want, stellen ze, gebruik je genderneutraal, dan lijkt het dat je aanneemt dat er geen onderscheid is en dat jongens en meisjes elkaar stereotiepe eigenschappen zouden moeten overnemen.

    Genderbewust opvoeden houdt volgens hen in dat je als ouder er zoveel mogelijk van bewust bent dat je mogelijke sekseverschillen ten onrechte te veel of juist te weinig stimuleert of bevestigt. De genderbewuste ouder realiseert zich de druk van de omgeving en de traditionele rolpatronen. En van het eigen gedrag dat het gedrag van de kinderen beïnvloedt.

    Het boek is een aanrader want het bespreekt op een toegankelijke wijze het verschil tussen sekse en gender (Simone de Beauvoir en Judith Butler) en tussen nature en nurture. Is gedrag en voorkeur en zijn eigenschappen van jongens en meisjes genetisch vastgelegd of worden jongens en meisjes tijdens de opvoeding gekneed tot mannen en vrouwen? Daar staan Rousseau en Swaab tegenover De Beauvoir en Butler, en Cordelia Fine en Annelies Kleinherenbrink.

    Ik denk vooral het laatste. Onze samenleving bevestigt en versterkt voortdurend de binaire tweedeling, de rolpatronen, de stereotiepen. Bewustzijn daarvan, genderbewustzijn, lijkt me voorwaarde om bijvoorbeeld echt iets te doen aan #metoo en verwachtingen over macho-mannengedrag.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *