Over geloof

En hoe sta jij daar dan in? Die vraag werd mij gesteld toen ik een interview had met vijf creationisten. Ze geloofden dat God zijn scheppingswerk in zes dagen van 24 uur had voltooid, inclusief fossielen en aardlagen met olie. De vrouw uit de rib van de man, Adam en Eva, de zondvloed en meer van dat soort mythische verhalen uit de bijbel. Dat zou zich dan een 6000 jaar geleden hebben afgespeeld. Ik kan me niet voorstellen dat ik ooit mensen heb geïnterviewd met wie ik het zo hartgrondig oneens was. Waarom?

Ik denk dat niet God de mens heeft geschapen, maar de mens God. Mensen zijn kuddendieren, ze hebben behoefte aan een onbetwistbaar leiderschap, een morele gids. Iemand achter wie ze zich kunnen opstellen. Ze willen ook de leegte en zinloosheid van het leven ontkennen. De angst voor de dood bestrijden. En bovendien is er zoveel wat niet direct rationeel te verklaren is.

De consequentie is wel dat het leven weinig betekenisvol lijkt. Heel toevallig en zo nietig in het licht van de eeuwigheid en de onmetelijke ruimte. Geloof zou je meer vertrouwen kunnen geven, maar dan moet je een nogal onwaarschijnlijke hypothese accepteren. God is in mijn ogen een hypothese waarvoor (te) weinig fundament is.

Ik vind geloof als cultureel fenomeen enorm interessant. Maar dat is het voor mij. Een cultureel fenomeen. Een belangrijke reden voor mijn geloofsafval, ergens toen ik 14 was, was dat er zoveel geloven waren die aanspraak maakten op de enige waarheid. Als je de ene God accepteert, dan moet je toch een andere dumpen. Het leek me toen vooral zo willekeurig, geloof.
Nu is God in de loop van de jaren enorm van gezicht veranderd. Hij is 'iets' geworden. Waarom zou God een bejaarde man zijn met een witte baard? Waarom zou God een individu zijn? Zou de God van de leeuwen dan een leeuw zijn? Van de mieren, een mier? Voor de meeste mensen is er slechts iets, iets bovennatuurlijks dat niet te verklaren is.

Volgens Herman Vuijsje is niet de bijbel, met alle horrorverhalen, meer ons moreel kompas, maar de Tweede Wereldoorlog. Daar ligt de betekenis van 4 en 5 mei, dodenherdenking en bevrijdingsfeest. In die zin kan het boek wat ik nu lees, De Welwillenden (Jonathan Littell), net zo goed iets zeggen over goed en kwaad.

Zo sta ik erin. Geloof begint, zo houd ik me voor, waar je ophoudt met vragen stellen. Als je het niet meer weet, dan moet je het maar aannemen. Nu zijn er heel veel dingen die ik niet weet, enorm veel, maar dan accepteer je toch niet iets wat nogal onwaarschijnlijk is.

Reageer.

Ton van den Born, 31 maart 2009